Praktijkproject Hoeveelheden & Kenmerken tbv kostenramingen - BAM

Inhoud

Inleiding

Het COINS-programma streeft naar procesverbetering en gezamenlijk informatiegebruik in de bouwsector. Om dit doel te bereiken worden sectorbrede afspraken ontwikkeld over informatie van 3D-bouwobjecten (COINS Bouw Informatie Model - CBIM) en afsprakenstelsels over werkwijze (COINS Engineering Methode - CEM). Deze afsprakenstelsels zijn een middel om tot procesintegratie te komen. Met de introductie van deze afsprakenstelsels worden op IT gebied de volgende effecten beoogd:

  • Mensen en organisaties gaan een gemeenschappelijke werkwijze volgen bij het ontwerpen en bouwen, in het bijzonder t.a.v. het onderwerp "Hoe ga je met informatie om?".
  • Mensen en organisaties gaan een gemeenschappelijke informatiestructuur toepassen.
  • IT-bedrijven brengen software op de markt die de voorgestelde afsprakenstelsels ondersteunen.

In het COINS-programma wordt een werkwijze gevolgd van denken en doen. Eerst een stukje ontwikkeling van afspraken die vervolgens toegepast worden in een praktijkproject en leren van ervaringen. In de huidige fase van het COINS-programma wordt de aandacht gericht op het verkrijgen van afsprakenstelsels ten behoeve van de volgende ontwerp-/bouwactiviteiten:

  • Functioneel specificeren
  • Het maken van ramingen
  • Het gebruik van 3D-objecten
  • 'Concurrent' ontwerpen van objecten door meerdere rollen/disciplines
  • Het gebruik van objectbibliotheken.

Het tweede praktijkproject is opgezet in samenwerking met BAM. Het BAM-COINS-praktijkproject richt zich op het onderdeel; Het maken van ramingen. Met andere woorden: Totstandkoming van kostenramingen gebaseerd op 3D objectinformatie.

In het COINS-praktijkproject wordt met name aandacht besteed aan het gestructureerd opslaan van kenmerken en hoeveelheden om de ramingen te kunnen genereren. Om de scope af te bakenen is gekozen voor een situatie rondom kostenraming gebaseerd op Definitief ontwerp gegevens.

In het kader van het praktijkproject zijn door het COINS-ontwikkelteam (OT-team) afsprakenstelsels samengesteld die een eerste versie vormen van CEM en CBIM. Dit document vormt een leidraad voor het "droomproces" en afgeleide hoeveelhedenbepaling

De bijgevoegde beschrijvingen van de CEM en C-BIM vormen een momentopname
van werk dat nog volop in ontwikkeling is; dit brengt met zich mee dat de 
beschrijvingen op diverse plaatsen niet consistent, niet compleet en/of 
fouten bevat. Desalniettemin geeft het werk in voldoende mate de bedoelingen
weer, zodat aan de hand van de beschrijvingen, in overleg met de IT-partner(s)
bepaald kan worden, wat en hoe geïmplementeerd zal worden.

Uitgangspunten

In dit hoofdstuk komen de uitgangspunten aan de orde die van belang zijn voor de bijdrage en rol van de IT-partners. De projectdoelstellingen, relevante aspecten, scope en referenties.

Doelstellingen

Op eenduidige, heldere manier engineering verzorgen waardoor een efficient integraal proces mogelijk is.

Scope

In het kader van het praktijkproject BAM hoeveelheden wordt ernaar gestreefd om met behulp van de informatiesystemen de volgende activiteiten te kunnen ondersteunen:

  • Genereren van object hoeveelheden en hun onderlinge samenhang.
  • Aanmaken van samenstellingen (assembly) verbonden met objecten
  • Rapportage van object hoeveelheden
  • Rapportage van benodigde middelen
  • Rapportage van kosten

Bovenstaande doelen en scope zijn nader toegelicht en uitgewerkt in het projectplan [1] .............

De CEM en C-BIM die hier opgenomen zijn, betreffen eerste resultaten uit een ontwikkelingtraject. Het praktijkproject is voor alle betrokkenen een leertraject. De specificaties staan open voor kritiek en voorstellen van de kant van mogelijke IT-partners.

Referenties

De volgende documenten zijn van belang voor het praktijkproject:

Verder wordt verwezen naar de achtergrond documentatie op de pagina: Achtergrond_documentatie.

Engineerings methode

In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe het praktijkproject is uitgevoerd. Zowel de verschillende activiteiten als de rolverdeling, communicatie en planning komen aan de orde.

Inventarisatie huidige methodiek kostenraming

Hier kan indien gewenst het huidige proces nader worden beschreven.


(nog niet ingevult------------------

Abstractie / informatieniveaus in relatie tot 3D objecten

Afstemmen informatie niveau

Voor het bepalen van object hoeveelheden is het allereerst van belangrijk om de juiste “Abstractie” (informatie) niveau's te bepalen. De objectdefinitie en hoeveelhedenbepaling van 3D objecten moet namelijk overeenkomen met de kostenkengetallen behorende bij deze objecten.

Als voorbeeld zijn in dit praktijkproject de abstractieniveaus van NEN2634 aangehouden. NEN2634 betreft; '''Termen, definities en regels voor het overdragen van gegevens over kosten- en kwaliteitsaspecten voor bouwprojecten'''

Het uitgangspunt van NEN 2634 is dat kosten en kwaliteitsgegevens in verschillende fasen van het bouwproces en op een bepaald niveau behoren te worden overgedragen. In deze norm zijn vier niveaus vastgelegd.

  • Indeling op niveau 1 “geheel bouwwerk of ruimtelijke delen”
    • kostenkengetallen per aan het gebruik gerelateerde eenheid (b.v. €/m2 brutovloeroppervlakte)
  • Indeling op niveau 2 “elementenclusters”
    • kostenkengetallen per elementencluster (b.v. Skelet)
  • Indeling op niveau 3 “elementen”
    • kostenkengetallen per element (b.v. Dragende buitenwand)
  • Indeling op niveau 4 “technische oplossingen”
    • Prijzen per technische oplossing (b.v. Aluminium pui)


Natuurlijk kunnen binnen het project andere abstractie / informatieniveaus worden overeengekomen. In coins spreken we van mogelijke "raamwerken"

Hieronder volgt een toelichting van belang abstractieniveau's aan de hand van gehanteerde methodiek praktijkproject & NEN2634

Vaak ontstaat de vraag: "Welke hoeveelheden moeten er uit het 3D model worden gegenereerd?" Deze vraag hangt dus samen met het antwoord: Op welk niveau worden de kostenkengetallen toegepast, dus gekoppeld aan objecthoeveelheden.

Kostenkengetallen komen voort uit gemaakte calculaties van eerder uitgevoerde bouwwerken en worden gebruikt in een fase van het project wanneer er weinig informatie over het project beschikbaar is. Voorbeelden van kostenkengetallen zijn:

  • €/m2 brutovloeroppervlakte (voor het gehele gebouw), bepaald volgens NEN 2580;
  • €/m2 geveloppervlakte (voor de elementencluster "gevel");
  • €/m3 inhoud (van het gehele gebouw of voor de installatie);
  • € /bed (voor een ziekenhuis of hotel);
  • € /leerling (voor een school).


Afbeelding:CEM_BAM181.jpg


Schematische weergave van abstractieniveau's NEN2634

De indeling van de kostenraming wordt hierna aangeduid als "Classificatie" en in hoofdstuk ...verder uitgewerkt.

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

 
* Vast te leggen bij welke baseline en welke toestanden behoren bij Abstractie / informatieniveaus 
* Definieren en rapporteren van hoeveelheidsdefinities
* Rapportage van kosten op elk Abstractie / informatieniveau.

Object definitie

Aangezien afstemming tussen disciplines essentieel is, dient het mogelijk te zijn om "Object definities" explixiet op te slaan. Zoals we in het vorige hoofdstuk hebben toegelicht, kunnen er verschillende "Abstractie/Informatie niveaus" zijn die elk eigen objectdefinities kennen. Hieronder een voorbeeld van het abstractieniveau Element. Bron: Elementenmethode BNA

Buitenwandopeningen; gevuld met puien (31.4)

omschrijving

  • verzameling van met puien (inclusief ramen en deuren) gevulde openingen in buitenwanden

functie

  • scheiding van binnen-/buitenruimten (akoestisch - beveiligend - klimatologisch - visueel)
  • toetreding van daglicht en natuurlijke ventilatievoorziening
  • gebouwtoegang

inbegrepen

  • benodigde materialen, arbeid, materieel en hulpconstructies
    • alle raam- en deurtypes
    • randaansluitingsvoorzieningen
    • lateien, dorpels en waterslagen
    • vensterbanken en koven
    • lateien, dorpels en waterslagen
    • buitenzonweringen
    • rolluiken en -verduisteringsvoorzieningen
    • bevestigingsmiddelen en hang- en sluitwerken
    • beveiligingsvoorzieningen
    • bedieningen die één geheel vormen met een bepaald onderdeel
    • beglazingen
    • conserveringsbehandelingen
    • afwerkingen

uitgezonderd

  • installatievoorzieningen
  • aansluiting van geautomtiseerde bedieningen op technische installaties

meeteenheid

  • buitenwandopeningen worden gemeten in m²


De indeling van de kostenraming wordt hierna aangeduid als "Classificatie" en in hoofdstuk ...verder uitgewerkt.

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

  • Definieren en rapporteren van object en hoeveelheidsdefinities

3D CAD basishoeveelheden & kenmerken

3D CAD software & IFC kennen verschillende "Objecttypes". Voorbeelden van objecttypes zijn; Wall, Door, Stair, Masselement, etc. Elk objecttype kent zijn specifieke toepassing en levert zijn eigen hoeveelheidskenmerken. Het moet mogelijk zijn om de definities van deze CAD hoeveelheden op te slaan en explixiet vast te leggen.


afbeelding:CEM_BAM179.jpg


Voorbeeld: Wallcomponent object levert bv. Netto oppervlak, Bruto oppervlak etc.

afbeelding:CEM_BAM176.jpg


Voorbeeld 3D CAD basishoeveelheden & kenmerken van fundatiepoer 2x3m (Objecttype Slab) In dit voorbeeld is het kenmerk "Omschrijving" opgenomen

afbeelding:CEM_BAM40.jpg

Voorbeeld van basishoeveelheden en kenmerken behorende bij CAD objecttype "Wall" (Wand)

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

 
* Uniform opslaan van '''3D CAD basishoeveelheden''' per CAD objecttype met definitie/toelichting/toepassing/voorwaarden
* Uniform opslaan van '''kenmerken''' per CAD objecttype definitie/toelichting/toepassing/voorwaarden

Relatie - Elementen/Bouwdelen, Activiteiten, Middelen

In het niveau “Technische Oplossingen” worden de (functionele) elementen specifiek gemaakt o.a. door materialen te kiezen. De elementen worden “Bouwdeel” en/of “Bouwdeelcomponenten”. De 3D objecten voor weergave op tekeningen en visualisatie bevatten de kenmerken en leveren de “CAD basishoeveelheden”. De objecten kunnen worden voorzien met “specialisatie hoeveelheden”

Bijvoorbeeld een kozijn: Voorbeelden van CAD basishoeveelheden zijn: breedte en hoogte.

Specialisatie hoeveelheden die aan kozijn verbonden kunnen worden; aantal scharnieren, aantal schroeven, lengte tochtstrip etc.

Een kostenraming van een object is de verzameling van kosten voortvloeiend uit Bouwdeelcomponent(en), activiteit(en) en middel(en).

Dit samenspan wordt “werkmethode” genoemd, waarin alle relevantie informatie wordt opgeslagen, behorende bij dit recept. (Geld, Risico, Organisatie, Tijd, Informatie en Kwaliteits aspecten)

afbeelding:CEM_BAM175.jpg

Bouwdelen kunnen uit verschillende componenten bestaan die elk hun eigen recept kennen.

De CAD basishoeveelheden kunnen het recept aansturen voor de juiste hoeveelheden. Het moet mogelijk zijn om deze CAD basishoeveelheden zowel op activiteiten als op middelenniveau te kunnen koppelen.

afbeelding:Voorbeeld_recept.jpg


Voorbeeld van Recept, Workitem, parts

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

 
* Uniform opslaan van Parts
* Uniform opslaan van Workitems
* Uniform opslaan van Recepten
* Recepten te verbinden met Bouwdeel-objecten
* Navigeren tussen bouwdelen, recepten, workitems en parts (relaties en hoeveelheden tonen)

Classificatie (indeling in structuren)

Nut van classificatie

Uit de interviews blijkt dat "indeling in structuur" hierna classificatie genoemd, belangrijk is vanwege de volgende toepassingen:

- Het kunnen kontroleren of alle disiplines/aspecten opgenomen zijn (b.v. voor calculatie) - Snel kunnen navigeren (naar b.v. juiste hoofdstuk) - Mogelijkheid tot "clusteren/ van b.v. kosten (per verdieping, functie, fase etc.) - Het kunnen automatiseren (middels classificatie codes) - Het mogelijk kunnen aanbrengen van codes voor "Tags", herkenning en verkorte aanduiding.

Men onderscheid verschillende classificaties

  • Objectclassificaties
  • Activiteitclassificaties
  • Middelenclassificaties

Voorbeelden van object classificatie zijn;

  • NL-SfB tabellen incl. herziene Elementenmethode 91
    • Tabel 0 voor de te bouwen omgeving en de te creeren ruimten
    • Tabel 1 voor de functionele onderdelen (elementen)
  • Stabu systematiek 2
  • NEN2634 tabellen
  • Omniclass tabellen
  • Bouwwerkdelen (b.v. beganegrond, verdieping 1 etc.)

Voorbeelden van Activiteiten classificaties zijn;

  • Stabu
  • Omniclass tabellen

Voorbeelden van Middelen classificaties zijn;

  • Omniclass tabellen

afbeelding:CEM_BAM180.jpg

Voorbeeld classificatie tbv kostenindeling waardoor Aggregatie mogelijk is.

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

 
* Verschillende (meerdere) classificatiestructuren te kunnen definieren
* Snel kunnen navigeren naar juiste classificatiehoofdstuk
* Tonen van objecten, activiteiten en middelen die voorkomen in (evt meerdere)classificatiestructuren (b.v. toon alle objecten die in '''fase 1''' & '''Skelet''' voorkomen)

Rolgebaseerde kenmerken

  • Omniclass tabellen

afbeelding:CEM_BAM182.jpg

Voorbeeld classificatie tbv kostenindeling waardoor Aggregatie mogelijk is.

Eisen aan informatieverwerking

Kijken we terug op de inhoud van dit hoofdstuk, dan kunnen we enkele wensen t.a.v. informatieverwerking formuleren. Een informatiesysteem gebaseerd op CEM moet in staat zijn om:

 
* Mogelijk dat per rol kenmerken centraal worden opgeslagen
* Hergebruik van kenmerken uit eerdere projecten
* Tonen van objecten, activiteiten en middelen die voorkomen in (evt meerdere)classificatiestructuren (b.v. toon alle objecten die in '''fase 1''' & '''Skelet''' voorkomen)

Termen en Definities

Complex (NEN2660) Verzameling van bij elkaar behorende (bouw)werken.

Bouwwerk (NEN2660) Gebouwd (geconstrueerd) oject dat invulling geeft aan een gevraagde (huisvestings)functie.

Bouwproject (NEN2634) geheel van activiteiten, gericht op een eenmalige en concrete doelstelling die binnen een begrensd tijdsbestek moet worden gerealiseerd in een tijdelijk samenwerkingsverband van deskundigen van verschillende vakgebieden, met gebruikmaking van materiële en immateriële middelen met als resultaat een bouwwerk.

Bouwwerk volgens (NEN2634) elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van de bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond

Bouwwerk volgens (NEN2660) Gebouwd (geconstrueerd) object dat invulling geeft aan een gevraagde (huisvestings)functie.

Ruimtedeel (NEN2634) voor mensen toegankelijk deel van een gebouw, met een nettohoogte van ten minste 1,5 m, dat geheel of gedeeltelijk begrensd wordt door bouwkundige scheidingsconstructies en waarvan de vloer of overdekking een onderdeel vormt van de constructie van het gebouw.

Ruimte (NEN2660) Gebied dat in theorie of in werkelijkheid is begrensd.

Elementencluster (NEN2634) groep van elementen met bepaalde bij elkaar behorende kenmerken.

Element (NEN2634) bouwdeel of een geheel aan bouwdelen, gekenmerkt door het zich te gedragen overeenkomstig de vereiste functionele prestatie.

Technische oplossing (NEN2634) een deel van een element dat zich onderscheidt in verschijningsvorm, materiaal en/of uitvoeringswijze.

Bouwdeel (Stabu) Dit is de fysieke oplossing van het functionele Variant – element. Dit kunnen ook meerdere oplossingen zijn (dit niveau is een verzamelniveau). Tevens zal de onderhavige specificatie voorzien zijn van waardeoordelen over de desbetreffende technische oplossing (beschrijvende eisen). Het onderscheid tussen diverse bouwdelen wordt gemaakt op basis van de functie die het bouwdeel vervult dan wel op basis van een andere samenstelling.

Bouwdeelcomponent (Stabu) Het Bouwdeelcomponent is de technische oplossing die aan specifieke voorwaarden voldoet. Tevens zal de onderhavige specificatie voorzien zijn van waardeoordelen over de desbetreffende technische oplossing (beschrijvende eisen).

Activiteit (NEN2660) Proces van de verwerking van (bouw)producten met gebruikmaking van arbeid en materieel voor de realisatie van componenten.

Middel (NEN2660) Generieke informatiedrager voor (bouw)product, arbeid of materieel.

Materieel (NEN2660) Niet-bliivende hulpbron voor de realisatie van een component

Definitie kostenkengetal (NEN2634) kenmerkende kosten per eenheid van kostendrager voor het gehele bouwwerk, een ruimtelijk deel daarvan, een elementencluster of een element. Kostenkengetallen komen voort uit gemaakte calculaties van eerder uitgevoerde bouwwerken en worden gebruikt in een fase van het project wanneer er weinig informatie over het project beschikbaar is. Voorbeeld van kostenkengetallen zijn: - €/m2 brutovloeroppervlakte (voor het gehele gebouw), bepaald volgens NEN 2580; - €/m2 geveloppervlakte (voor de elementencluster "gevel");


Classificeren (Wiki) Het indelen van objecten in een gekozen classificatiesysteem; dit is identificeren of determineren.

De rol of actor: het ontwerp-/bouwproces wordt uitgevoerd door bedrijven of organisaties die één of meerdere rollen vervullen; het rolbegrip wordt gebruikt om de verantwoordelijkheid m.b.t. informatie vast te leggen.

Nog te verwerken in c-BIM & CEM (OT teamleden)

  • Onderscheid naar discipline / toewijzing rollen

In theorie gaat we in het COINS traject er van uit dat er 1 bouwwerk-leverende is. In de praktijk wordt het bouwwerk door meerdere partijen (onderaannemers) uitgevoerd, van belang is om het onderscheid naar discipline te kunnen maken. Daarna kan de rolverdeling worden gemaakt. Vanuit de aangeleverde informatie (ontwerp) moet herleid kunnen worden welke hoeveelheden aan welke disciplines zijn toe te wijzen. (disciplines kunnen zijn beton(ruw)bouw, staal, afbouw, installatie etc.) Aandachtspunt is hoe je de raakvlakken / grijze gebied toewijst ?

  • Fasering / kostenkentallen

In de tijd gezien wordt het model meer in detail vastgelegd en is rijker aan informatie. Vanuit de verschillende activiteiten (conceptueel ontwerp / constructief ontwerp / bouwen) hanteer je andere abstractie niveau’s met andere eenheden voor b.v. het relateren van de kostenkentallen: (nog geen BAM issue); • Elementen cluster: het skelet in m3 • Elementen niveau: wanden in m2 Hoe leg je de tussenresultaten vast b.v. een raming bij conceptueel ontwerp en een begroting bij het constructieve ontwerp. Zodat ze t.z.t. met elkaar te vergelijken zijn. T.z.t. zal ook vastgesteld moeten worden welke hoeveelheden en eenheden maatgevend zijn voor het relateren van de kostenkentallen.

  • Objecten en hoeveelheidproperties

In de objectclassificatie moet je hoeveelheden met hun eenheid kunnen vastleggen. B.v. gewicht van een profiel o.b.v. standaardgewicht in kg/m x lengte van het profiel. Daarbij behoren definities b.v. de lengte is over hartlijn gemeten. Dit is werk wat plaats vindt in de MengeKreisen. Hoe vertalen we de kennis van de IAI MengeKreise naar het C-BIM. Herkomst hoeveelheden o.b.v. - Base quantities - Regulated quantities - Catalogue quantities De werkelijke standaardwaarden moet opgehaald kunnen worden uit een bibliotheek, (referentie Stabu Lexicon of is dit onderdeel van het C-BIM?).

  • Status / toestand en versies van de hoeveelheden

Status / toestand van de hoeveelheden, hoe betrouwbaar zijn de hoeveelheden ? • zijn ze goedgekeurd ? • zijn ze actueel ? Is de as built situatie vastgelegd ? Op welk niveau wordt de status / toestand vastgelegd ?

Welk gedrag (o.b.v. werkmethods) hoort daarbij. B.v. • wijzigen proporties resulteert in wijzigen status / toestand op object niveau ? • wijzigen objecten in relatie tot de plaats in de hiërarchie naar b.v. bovenliggende objecten. In relatie tot wijzigingsproces ontstaan versies met een status/toestand. Hoe staan versies en status / toestand t.o.v. elkaar.

  • Project scope / opzet model

De project scope (uitvoering / bouwen) is vast te leggen o.b.v de driehoek object, activiteit en (hulp)middel. Dit zijn de primaire kapstokken voor het vastleggen van hoeveelheden. Hoe leg je deze driehoek vast in het C-BIM. Deze structuur wil je vanuit verschillende perspectieven kunnen bekijken. Voorkeur om vanuit detail hoeveelheden naar verschillende perspectieven te kunnen oprollen (aggregatie niveaus zoals NEN2660 complex – bouwwerk – ruimte – element – bouwdeel – component – activiteit – middel / NEN2634 – bouwwerk – ruimtes – element clusters – elementen – technische oplossingen) In een 3D model wordt niet alles gevisualiseerd, denk aan bouten en moeren, deze worden b.v. middels alleen de hartlijnen weergegeven. Ze worden vaak separaat van de tekening vastgelegd in een stuklijsten. Van bepaalde onderdelen bestaan standaard stuklijsten / samenstellingen / assemblies. Zo ontstaat een gedetailleerde lijst van onderdelen / objecten. Aan deze onderdelen / objecten kunnen recepturen / werkmethoden worden gekoppeld (activiteiten en hulpmiddelen). Hoe leg je de scope + verschillende aggregatieniveaus vast in het C-BIM.

  • Locatie coderingen

Kozijnen, deuren, wanden, ruimtes e.d. krijgen tijdens de uitvoering allemaal een merk. Neem in het C-BIM model een locatie codering op. Maak separaat onderscheid naar locatie en artikel codering. Suggestie om gebruik te maken van semantische omschrijvingen in plaats van codes (googlebaar).

  • Afhankelijkheden tussen objecten

Afhankelijkheden tussen functies en objecten en objecten en objecten (deur, rooster, elektrische sloten) Inzichtelijk maken waarom voor een bepaalde oplossing is gekozen. In geval van wijzigingen de impacts kunnen laten zien. Kennis expliciet kunnen maken.

  • Verankeren kennis

Er gaan bibliotheken omtrent hoeveelheden kenmerken / werkwijzen / recepturen etc. ontstaan, hoe sla je die op in C-BIM. Horen ze überhaupt in het C-BIM? Hoe ga je om met de beoogde IFC/IFD interactie om in relatie tot C-BIM?

  • Hoe ga je om met planning aspecten in het CBIM, gerelateerd aan de hoeveelheden

(nog geen BAM issue) Hoe leg je verschillende soorten planningen vast, denk aan inkoopplanning / activiteitenplanning, middelenplanningen, termijnplanning. Alleen de resultaten of ook de logica / netwerken vastleggen in het C-BIM.

  • Presenteren van informatie uit het C-BIM

hoe wil je de info uit het C-BIM visualiseren. Wat wil je hoe zien, - Tekeningen met / zonder coderingen. - documenten.

  • Diversen

Definieer properties / property sets separaat van objecten, wat waarborgt dat ze maar 1 x gedefinieerd behoeven te worden. Geef de mogelijkheid om de gebruikers afhankelijk van de rol een doorsnede van de properties te tonen. (rol based views) Vanuit het interoperability project ontstond de behoefte naar duidelijkheid omtrent verschillende modellen die er bestaan: • Fysieke model (architectuur) • Structuur model • Analyse model (voor berekeningen) Sterkte maar ook warmte en geluid • Detail (prefab details) Hoe wordt daarin voorzien vanuit het C-BIM?


Acties CEM 1. Vraagsturing Er wordt niet gevraagd / gestuurd hoe de prijs info terug moet komen. (Best practices) In overleg met leveranciers / onderaannemers afspraken maken. (juridische / commercie aspecten). 2. Wijzigingsprocedure Change request, opnemen in werkwijze. (Query procedure = gecontroleerd proces waarbij een check wordt gemaakt naar functies, eisen, maakbaarheid, geld en tijd consequenties)

Voorbeeld - Vloer voor appartementencomplex

In dit hoofdstuk wordt een specifiek element uit praktijkproject toegelicht. Zowel de verschillende activiteiten als de rolverdeling, communicatie en planning komen aan de orde.

De specifieke voorbeeldwaardes worden aangegeven middels een volgend tekstblok:

 
Het voorbeeld betreft een keldervloer t.b.v. appartementencomplex

Abstractie / informatieniveaus in relatie tot 3D objecten

Afstemmen informatie niveau

Voor het bepalen van object hoeveelheden is het allereerst van belangrijk om de juiste “Abstractie” (informatie) niveau's te bepalen. De objectdefinitie en hoeveelhedenbepaling van 3D objecten moet namelijk overeenkomen met de kostenkengetallen behorende bij deze objecten.

Als voorbeeld zijn in dit praktijkproject de abstractieniveaus van NEN2634 aangehouden. NEN2634 betreft; '''Termen, definities en regels voor het overdragen van gegevens over kosten- en kwaliteitsaspecten voor bouwprojecten'''

Het uitgangspunt van NEN 2634 is dat kosten en kwaliteitsgegevens in verschillende fasen van het bouwproces en op een bepaald niveau behoren te worden overgedragen. In deze norm zijn vier niveaus vastgelegd.

  • Indeling op niveau 1 “geheel bouwwerk of ruimtelijke delen”
    • kostenkengetallen per aan het gebruik gerelateerde eenheid
 
In dit voorbeeld: 
Bouwkundige werken, (8) Woonvoorzieningen, (85) Gemeenschappelijke woonvoorzieningen 
Kostenkengetal uitgedrukt in:  (€/m2 brutovloeroppervlakte)

  • Indeling op niveau 2 “elementenclusters”
    • kostenkengetallen per elementencluster
 
In dit voorbeeld: 
2A Fundering
Kostenkengetal uitgedrukt in:  €/m2 bebouwde terreinoppervlakte
  • Indeling op niveau 3 “elementen”
    • kostenkengetallen per element
 
In dit voorbeeld: 
2A(13.2) Vloeren op grondslag; constructief
Kostenkengetal uitgedrukt in:  €/m2 Netto vloeroppervlakte
  • Indeling op niveau 4 “technische oplossingen”
    • Prijzen per technische oplossing (b.v. Aluminium pui)
 
In dit voorbeeld: 
2A(13.22) Vloeren op grondslag; constructief, vloeren als gebouwonderdeel – Betonvloer in het werkgestort, traditioneel bekist
Kostenkengetal uitgedrukt in:  €/m3 Netto volume


Natuurlijk kunnen binnen het project andere abstractie / informatieniveaus worden overeengekomen.

Hieronder volgt een toelichting van belang abstractieniveau's aan de hand van gehanteerde methodiek praktijkproject & NEN2634

Vaak ontstaat de vraag: "Welke hoeveelheden moeten er uit het 3D model worden gegenereerd?" Deze vraag hangt dus samen met het antwoord: Op welk niveau worden de kostenkengetallen toegepast, dus gekoppeld aan objecthoeveelheden.

Kostenkengetallen komen voort uit gemaakte calculaties van eerder uitgevoerde bouwwerken en worden gebruikt in een fase van het project wanneer er weinig informatie over het project beschikbaar is. Voorbeelden van kostenkengetallen zijn:

  • €/m2 brutovloeroppervlakte (voor het gehele gebouw), bepaald volgens NEN 2580;
  • €/m2 geveloppervlakte (voor de elementencluster "gevel");
  • €/m3 inhoud (van het gehele gebouw of voor de installatie);
  • € /bed (voor een ziekenhuis of hotel);
  • € /leerling (voor een school).


Schematische weergave van abstractieniveau's NEN2634

De indeling van de kostenraming wordt hierna aangeduid als "Classificatie" en in hoofdstuk ...verder uitgewerkt.

Object definitie

Aangezien afstemming tussen disciplines essentieel is, dient het mogelijk te zijn om "Object definities" explixiet op te slaan. Zoals we in het vorige hoofdstuk hebben toegelicht, kunnen er verschillende "Abstractie/Informatie niveaus" zijn die elk eigen objectdefinities kennen. Hieronder een voorbeeld van het abstractieniveau Element. Bron: Elementenmethode BNA

afbeelding:CEM_BAM42.jpg

Vloeren op grondslag; constructief (13.2)

omschrijving

verzameling van tot de draagconstructie van het gebouw behorende vloeren in rechtstreeks contact met de ondergrond aangebracht, gerekend vanaf de buitenzijde van de buitengevel of funderingsconstructie

functie

draagconstructie van het gebouw, tevens draagconstructie van de nuttige belasting van de bovenliggende ruimten en bodemafsluiting inbegrepen benodigde materialen, arbeid, materieel en hulpconstructies

  • tot de vloer behorende liftputten
  • grondverbeteringen
  • egaliseren van de grondslag
  • vochtwerende lagen
  • werkvloeren onder de vloerconstructie
  • tot de vloer behorende verzwaringen
  • gebouwisolatievoorzieningen
  • vloerafwerkingen die één geheel vormen met de vloerconstructie
  • bodemonderzoek en sonderingen tijdens de uitvoering uitgezonderd
  • installatievoorzienigen

meeteenheid

  • vloeren op grondslag worden gemeten in m², exclusief openingen

3D CAD basishoeveelheden & kenmerken

3D CAD software & IFC kennen verschillende "Objecttypes". Voorbeelden van objecttypes zijn; Wall, Door, Stair, Masselement, etc. Elk objecttype kent zijn specifieke toepassing en levert zijn eigen hoeveelheidskenmerken. Het moet mogelijk zijn om de definities van deze CAD hoeveelheden op te slaan en explixiet vast te leggen.

In dit voorbeeld is gekozen voor objecttype "Slab"

Voorbeeld van beschikbare CAD hoeveelheden & kenmerken behorende bij objecttype "Slab" (Bron: Autodesk AutoCAD Architectural 2008)

  • KeySideRoomName
  • Perimeter
  • Location Z
  • Notes
  • Documents
  • OppositeSideRoomHandle
  • Handle
  • KeySideRoomHandle
  • Thickness
  • Elevation - High
  • Center Of Gravity X
  • Area - Gross
  • Color - Text
  • Volume of Add Interferences
  • Location X
  • Layer
  • KeySideRoomLocationZ
  • Volume - Gross With Mods
  • Rise
  • Volume - Gross
  • Non-Baseline Fascia Profile
  • OppositeSideRoomLocationZ
  • Volume of Fascia
  • Non-Baseline Soffit Profile
  • Description
  • Hyperlink
  • Object ID
  • Color
  • Drawing Fingerprint Guid
  • Pitch
  • Center Of Gravity Y
  • Non-Baseline Length
  • Baseline Soffit Profile
  • Elevation - Low
  • Area - Net
  • Run
  • Volume of Soffit
  • Slope
  • Linetype
  • Object Type
  • Location Y
  • Volume without Edges or Interferences
  • Center Of Gravity Z
  • Notes from Style
  • Baseline Overhang
  • Baseline Fascia Profile
  • Baseline Length
  • Quantity
  • Volume without Edges
  • Style
  • Documents from Style
  • Description from Style
  • OppositeSideRoomName
  • Rotation
  • Non-Baseline Overhang
  • Number Of Holes

Relatie - Elementen/Bouwdelen, Activiteiten, Middelen

In het niveau “Technische Oplossingen” worden de (functionele) elementen specifiek gemaakt o.a. door materialen te kiezen. De elementen worden “Bouwdeel” en/of “Bouwdeelcomponenten”. De 3D objecten voor weergave op tekeningen en visualisatie bevatten de kenmerken en leveren de “CAD basishoeveelheden”. De objecten kunnen worden voorzien met “specialisatie hoeveelheden”

Bijvoorbeeld een kozijn: Voorbeelden van CAD basishoeveelheden zijn: breedte en hoogte.

Specialisatie hoeveelheden die aan kozijn verbonden kunnen worden; aantal scharnieren, aantal schroeven, lengte tochtstrip etc.

Een kostenraming van een object is de verzameling van kosten voortvloeiend uit Bouwdeelcomponent(en), activiteit(en) en middel(en).

Dit samenspan wordt “werkmethode” genoemd, waarin alle relevantie informatie wordt opgeslagen, behorende bij dit recept. (Geld, Risico, Organisatie, Tijd, Informatie en Kwaliteits aspecten)

afbeelding:CEM_BAM175.jpg

Bouwdelen kunnen uit verschillende componenten bestaan die elk hun eigen recept kennen.

De CAD basishoeveelheden kunnen het recept aansturen voor de juiste hoeveelheden. Het moet mogelijk zijn om deze CAD basishoeveelheden zowel op activiteiten als op middelenniveau te kunnen koppelen.

Hier komt nog afbeelding van werkmethode Voorbeeld van werkmethode, activiteiten, middelen

Classificatie (indeling in structuren)

Nut van classificatie

Uit de interviews blijkt dat "indeling in structuur" hierna classificatie genoemd, belangrijk is vanwege de volgende toepassingen:

- Het kunnen kontroleren of alle disiplines/aspecten opgenomen zijn (b.v. voor calculatie) - Snel kunnen navigeren (naar b.v. juiste hoofdstuk) - Mogelijkheid tot "clusteren/ van b.v. kosten (per verdieping, functie, fase etc.) - Het kunnen automatiseren (middels classificatie codes) - Het mogelijk kunnen aanbrengen van codes voor "Tags", herkenning en verkorte aanduiding.

Men onderscheid verschillende classificaties

  • Objectclassificatie:

afbeelding:CEM_BAM43.jpg


Indeling van de keldervloer middels classificatie volgens NLsfB/Elementenmethode 2005 BNA


  • Activiteitclassificaties
  • Middelenclassificaties


Essenties

In dit hoofdstuk worden de essenties van "Ramen van hoeveelheden op basis van CEM/CBIM" samengevat. Gezien de lengte van deze pagina linken we door naar een nieuwe pagina met de titel Essenties Ramen van Hoeveelheden.

Personal tools